Jaarverslag

Stichting Sjaki-Tari-Us
Jaarverslag 2006 -2007
Niet minder, maar anders begaafd!

Inhoudsopgave

Voorwoord

Hoofdstuk 1:
Bestuursverslag

Hoofdstuk2:
Werkzaamheden

Hoofdstuk 3:
Vrijwilligers, medewerkers en stagiaires

Hoofdstuk 4:
Financiën

Hoofdstuk 5:
Dankbetuiging

Hoofdstuk 6:
Nawoord

Hoofdstuk 7:
Toekomst

Bijlagen:

1. Visie en missie

2. Bevindingen stand van zaken Bali augustus 2007

3. Achtergrond en werkzaamheden vrijwilligers 

Voorwoord

“Als je zorgdraagt voor de middelen, zorgt het doel wel voor zichzelf.”

Mahatma Ghandi


Hierbij presenteren wij u het jaarverslag, periode 10 september 2006 tot en met 4 september 2007.
Wij willen tussentijds verslag doen van de activiteiten van de stichting. Een financiële verantwoording afleggen naar iedereen, die niet alleen geld gedoneerd heeft, maar zich ook ingezet heeft om de projecten in Indonesië en vooral op het eiland Bali te doen slagen.

Wij hopen u naar goed vermogen voldoende te informeren. Wij hebben het verslag met uiterste zorg samengesteld, maar mochten bepaalde aspecten onduidelijk zijn of heeft u aanbevelingen voor het volgende jaarverslag, dan kunt u direct met ons in contact treden.

Het jaarverslag wordt per mail verzonden en zal ook op onze website te lezen zijn.

Namens het bestuur van Stichting Sjaki-Tari-Us,

Thijs van Harte
Ellen Vermeulen
Karin Leithuijser

Delft, 1 oktober 2007

Hoofdstuk 1:
Bestuursverslag

Inleiding

In de maand mei 2005 zijn bij de initiatiefnemers Thijs van Harte, Ronald van den Heuvel, Marijke Lingsma en Karin Leithuijser plannen ontstaan om “iets” te gaan doen voor kinderen met een verstandelijke beperking in Indonesië.
Dit is mede ingegeven door een tweetal gegevens, namelijk Karin en Thijs hebben een dochtertje Tari met het Downsyndroom en het feit, dat zij in het moederland van Thijs niet of nauwelijks kinderen met een verstandelijke beperking zagen.
Om niet zomaar een stichting op te richten hebben zij, zowel in Nederland als in Indonesië en vooral op het eiland Bali, een aantal onderzoeken gedaan met als uitkomst, dat er wel degelijk kinderen met een verstandelijke beperking zijn en ook dat er behoefte bestaat aan deskundigheidsbevordering bij ouders en onderwijzend personeel daar.
Dit wetende zijn in de tweede helft van dat jaar met hulp van velen de contouren ontstaan tot het oprichten van een stichting.
De naam Sjaki-Tari-Us werd vrijwel direct met algemene stemmen aangenomen:

Algemeen

Op 22 januari 2006 heeft er naar aanleiding van onze voorgaande onderzoeken een bijeenkomst plaatsgevonden, waarbij ongeveer 70 personen hun hulp, zowel financieel als organisatorisch hebben toegezegd. In feite heeft op deze dag de informele oprichting van Stichting Sjaki-Tari-Us plaatsgevonden.

Door financiële ondersteuning van o.a. Stichting Stella Mundi, School voor Coaching, Hart4Art.nl, Kunststek.nl, enkele privé-donaties en een bijdrage van Karin en Thijs, is de stichting vanaf 22 januari 2006 van start gegaan.
Kort daarna is het prachtige logo van de stichting ontworpen door Hans Scheepmaker.
Een bevriende notaris heeft de stichting notarieel vastgelegd. Op 10 september 2006 is Stichting Sjaki-Tari-Us officieel opgericht. De belastingdienst heeft onze stichting tegen het licht gehouden en is akkoord gegaan met de doelstelling en activiteiten van de stichting, waardoor er geen belasting afgedragen hoeft te worden van de inkomsten die wij binnen krijgen (Algemeen Nut Beogende Instelling, ANBI). Elke euro kan daarom volledig aan de stichting besteedt worden.

Millenniumdoelen

In het jaar 2000 hebben regeringsleiders van 189 landen afgesproken om vóór 2015 de belangrijkste wereldproblemen aan te pakken. Er zijn 8 concrete doelstellingen vastgelegd: de millenniumdoelen.
Dit zijn ze in het kort:

Gezien de werkzaamheden van Stichting Sjaki-Tari-Us op Bali, is het duidelijk dat de stichting een aanzet heeft gegeven om ook kinderen met een verstandelijke beperking naar school te laten gaan.
Daarnaast worden de Balinese medewerkers in dienst van de stichting, veelal geselecteerd vanuit een werkloze situatie.
Stichting Sjaki-Tari-Us voldoet minimaal aan twee millenniumdoelen.
De gelijkwaardigheid, de waardigheid en de integratie van het kind met een verstandelijke beperking staat bij Stichting Sjaki-Tari-Us voorop.

Doelstelling Stichting Sjaki-Tari-Us

Stichting Sjaki-Tari-Us stelt zich ten doel om, in landen waar dit nodig is, kinderen met een verstandelijke beperking te ondersteunen in hun ontwikkeling en deelname aan de samenleving onder het motto:

Niet minder, maar anders begaafd!

We doen dit door Nederlandse middelen en deskundigheid te mobiliseren en beschikbaar te stellen aan ouders, begeleiders, leerkrachten en artsen van de kinderen daar. Op een dusdanige manier dat zij het op termijn zelf kunnen toepassen en overdragen en de kwaliteit van de begeleiding en het onderwijs aan deze kinderen structureel is toegenomen.
Het is niet de bedoeling om de Nederlandse situatie te kopiëren, maar samen te werken met de mensen daar en aan te sluiten bij hun cultuur en manier van werken.

Zie bijlage 1 (visie en missie), voor een uitgebreide toelichting op bovenstaande doelstelling.

Karin, Thijs, Caia en Tari zijn naar Bali op vakantie geweest. Karin en Tari deden samen mee met de groep. Heerlijk om de kinderen samen te zien, heel gewoon. De ouders die hun ogen uitkeken naar Tari en ons vervolgens vroegen: Heeft Tari óók het Downsyndroom?? en "Kan mijn kind dan ook zo worden?  

Bestuur

Gezien de enorme hoeveelheid werk van o.a. fondswerving, aansturing projecten op Bali, het werven van vrijwilligers tot het onderhouden van de website, hebben wij er voor gekozen om binnen de structuur van Stichting Sjaki-Tari-Us te werken met een Dagelijks uitvoerend bestuur en een Algemeen bestuur.

Het Dagelijkse uitvoerend bestuur komt wekelijks bij elkaar, terwijl het Algemeen bestuur formeel twee maal per jaar bij elkaar komt.
De leden van het Algemeen bestuur dragen allen bij door Stichting Sjaki-Tari-Us stelselmatig te promoten en hun netwerken waar mogelijk te benutten t.a.v. inhoudelijke ondersteuning en/of fondswerving.
De bestuursleden onderhouden via mail en telefoon herhaaldelijk contact met elkaar.

Het Dagelijks uitvoerend bestuur wordt gevormd door:

Thijs van Harte voorzitter en oprichter
Ellen Vermeulen secretaris
Joan van Enst penningmeester
Karin Leithuijser oprichtster (vanwege familiebanden geen officieel lid van het bestuur)

Het Algemeen bestuur (samen met het Dagelijks uitvoerend bestuur) gevormd door:

Marijke Lingsma oprichtster
Hans Scheepmaker
Jeroen de Haas
Thom Rijpstra

Joan van Enst is met ingang van 1 september 2007 penningmeester van Stichting Sjaki-Tari-Us. Zij zal hierbij administratief ondersteund worden door haar broer René van Enst.

Stichting Sjaki-Tari-Us is een Algemeen Nut Beogende Instelling (ANBI).
KvK : Haaglanden 27291997
Gironummer : 4845594
Belastingnummer ANBI: 8170.28.183

Contact:

Thijs van Harte
van Speykstraat 12
2628 RG Delft
Email : info@sjakitarius.nl
Mobiel : 06-12915745

www.sjakitarius.nl
Hoofdstuk 2:
Werkzaamheden

In ons oprichtingsjaar hebben wij veel initiatieven genomen: van organisatie- en inhoudelijke ontwikkeling, tot fondswerving en publiciteit.

Organisatie- en inhoudelijke ontwikkeling

Het bestuur is samengesteld.
Statuten van de stichting zijn opgesteld in samenwerking met Emy van Benschop en notaris Frank Roos van notariskantoor Simmons & Simmons te Rotterdam.
De stichting heeft een prachtige website laten ontwerpen. De bouw en het doorvoeren van wijzigingen liggen in handen van André van den Heuvel.
Er hebben zich meerdere vrijwilligers aangemeld bij de stichting, gekwalificeerd en met ervaring in het werken met kinderen met een verstandelijke beperking.
Karin Leithuijser, verantwoordelijk voor de inhoudelijke invulling van de doelstelling, heeft samen met Ellen Vermeulen en Thijs van Harte, in het afgelopen jaar diverse stukken geschreven: zowel m.b.t. beleid en praktisch toepasbare stukken, als evaluatieverslagen van bevindingen op Bali. Zie hiervoor o.a. bijlage 1 en 2 (overige stukken zijn op verzoek in te zien).

Partnerorganisaties op Bali

We zijn in eerste instantie contacten en samenwerking aangegaan met een drietal stichtingen (“yayasan”) op Bali. Te weten:

Hoewel deze contacten naar tevredenheid verlopen, hebben we besloten om met ingang van juli 2007 een officiële samenwerking met Yayasan Bidadari (bidadari = engel) aan te gaan.
Dit is enerzijds uit oogpunt van efficiency en anderzijds vanwege de intensieve en directe contacten die Yayasan Bidadari heeft met de overheid. Hierdoor is Yayasan Bidadari voor ons de juiste partnerorganisatie, waar Stichting Sjaki-Tari-Us veel profijt van kan hebben.
Yayasan Bidadari heeft als doelstelling: “The Welfare of the Children of Bali”.
Zij zijn zeer betrokken bij de ontwikkeling van onze projecten. Onze samenwerking zal binnen vijf jaar moeten leiden tot een overname van de projecten en activiteiten van Stichting Sjaki-Tari-Us door Yayasan Bidadari.

Projecten op Bali

Op basis van de uitkomsten van ons veldonderzoek, is het besluit genomen om op een tweetal locaties projecten te starten en tevens het “teach the teacher” programma een eerste aanzet te geven.

In Selat, Noord-Bali (dichtbij Lovina beach) is inmiddels op een reguliere basisschool een extra klaslokaal gebouwd. De kosten zijn volledig door Stichting Sjaki-Tari-Us betaald.
Wij zijn er trots op dat het initiatief vanuit de school heeft plaatsgevonden. Het is uniek, dat op een reguliere basisschool ook een klaslokaal voor kinderen met een verstandelijke beperking is opgezet. Integratie van alle kinderen, ongeacht hun beperkingen. Tevens heeft de bouw een aantal families een inkomen bezorgd.
Op 1 november 2006 zijn de eerste drie kinderen ingestroomd. Op dit moment, september 2007, bezoeken een tiental kinderen ons project, terwijl in de maanden achter ons een aantal kinderen zijn doorgestroomd naar vervolgonderwijs (zowel regulier als speciaal onderwijs).

In Ubud, Midden-Bali, heeft Stichting Sjaki-Tari-Us een zelfstandige ruimte van ongeveer 50m2 gehuurd, waar de activiteiten voor de kinderen plaatsvinden. Deze ruimte is in februari 2007 in gebruik genomen. Inmiddels bezoeken twintig kinderen ons project en zijn er ook hier een aantal doorgestroomd.
In deze ruimte zal ook het “teach the teachers” programma worden verzorgd, bestaande uit o.a. workshops en informatiebijeenkomsten.

Er zijn contacten gelegd met drie speciaal onderwijsscholen in Singaraja, Gianyar en Denpasar. Directie en onderwijzend personeel zijn enthousiast over de projecten en de plannen van de stichting om o.a. middels workshops aan deskundigheidsbevordering te doen.

De projecten worden niet alleen door de kinderen bezocht. Voorwaarde om de kinderen te helpen is het gegeven, dat ook de ouders of omgeving tijdens de leergroepen aanwezig moeten zijn. Ondersteuning en stimulering van kinderen met een verstandelijke beperking moet thuis dagelijks doorgaan, dus vooral door ouders en/of omgeving worden opgepakt.

Jeroen: Bali, een soort waddeneiland, maar dan warmer" Bali, om een kort verhaal lang te maken" Balisimo" Bali, regen komt voor de zonneschijn" Bali, eerst zien dan vergeten" Bali, eerst doen, dan denken" Bali, waar een goede kopie een daalder waard is" 

Publiciteit

In het afgelopen jaar hebben wij voortvarend de publiciteit opgezocht:

Fondswerving

Zoals elke stichting heeft Stichting Sjaki-Tari-Us geld nodig. Wij zijn volledig afhankelijk van donaties en giften.
In het afgelopen jaar zijn Ellen Vermeulen, Karin Leithuijser en Thijs van Harte voortdurend bezig geweest om uit allerlei hoeken geld binnen te halen. Met gepaste trots mogen we wel zeggen, dat dit ons goed gelukt is. Er zijn gelden binnengehaald bij organisaties en privé personen (zie hoofdstuk 5). Daarnaast zijn er een aantal acties geweest, die veel hebben opgeleverd.
Nu we ons werk steeds beter zichtbaar kunnen maken, zullen we ons de komende maanden gericht gaan bezighouden met het werven van vaste donateurs en het aanschrijven van verscheidene fondsen.

Sponsoracties en donaties

Hieronder volgt in chronologische volgorde een korte beschrijving van hoe de stichting middels acties en donaties aan geld gekomen is.

Marjolein: Sinds drie dagen ben ik Ibu Mario in Selat. Dus er zijn nog veel nieuwe indrukken.Maar vandaag zag ik onder ogen hoe beschaafd de kinderen hier worden opgevoed:We zaten op de grond om een boekje te lezen. Opeens staat één van de kinderen op en loopt naar de deur. Wat bleek, hij moest een windje laten en dat hoort niet in de klas, dat hoort in de deuropening Wat een scheetjes zijn die kinderen toch! 

Hoofdstuk 3:
Vrijwilligers, medewerkers en stagiaires

De uitvoering van de projecten voor de kinderen en hun ouders op Bali is geheel afhankelijk van de deskundigheid, inzet en toewijding van alle mensen die hierin een rol hebben (gehad).
Belangrijk hierbij is dat iedere vrijwilliger, Balinese medewerker of stagiaire op afstand wordt begeleid en aangestuurd door het bestuur.

Hieronder volgt een korte beschrijving en toelichting, zodat duidelijk wordt hoe we heel concreet aan onze doelstelling werken: “Nederlandse middelen en deskundigheid mobiliseren”.

Vrijwilligers

De eerste vrijwilligers zijn werkelijk als pioniers vertrokken. Er waren ideeën en plannen, er lagen contacten op Bali en er was een gesignaleerde behoefte.
Natuurlijk zijn er een aantal voorbereidende gesprekken in Nederland geweest, de voorbeelden van speelleergroepen en de basismethodieken zijn meegegeven, maar verder was het toch vooral gewoon beginnen!

Door het ondervinden van praktijkproblemen en een heleboel onvoorziene zaken waar de vrijwilligers tegenaan liepen, zijn zijzelf en het bestuur in Nederland, al werkende en met vallen en opstaan wijzer geworden. Via de telefoon en per mail, ondersteund door beleidstukken en daaruit voortvloeiende kaders en drie werkbezoeken van bestuursleden Thijs, Ellen en Karin, zijn de projecten zowel in omvang als in professionele zin intussen hard aan het groeien.

Er zijn vanaf 14 oktober 2006 tot heden drie groepen vrijwilligers op Bali werkzaam (geweest), in totaal 15 personen, elkaar hier en daar overlappend in de tijd.
Bij aanvang vroegen wij mensen met een SPW/HBO opleiding en enige relevante ervaring.
De selectieprocedure verliep steeds via CV en brief, vervolgens een individueel gesprek en tot slot kennismaken met de groep waarin de vrijwilliger zou gaan werken. Tijdens de groepsbijeenkomsten werd zoveel mogelijk de beschikbare informatie over de projecten uitgewisseld.

Naarmate de projecten op Bali zich ontwikkelden, is de lat voor vrijwilligers in Nederland ook omhoog gegaan. Vrijwilligers moeten nu aan een aantal voorwaarden voldoen:

We hebben geleerd dat deze voorwaarden noodzakelijk zijn om goed beslagen ten ijs te komen en om verder te komen op de projecten. Zelfs dan blijken het samenwerken en samenwonen in een andere cultuur, met aansturing op afstand en de onvermijdelijke communicatieproblemen nog moeilijk genoeg te zijn.

Omdat het werken op Bali veel vraagt en wij als bestuur het maximale van onze vrijwilligers verwachten en hen daar ook op willen kunnen aanspreken, bieden wij een zo goed mogelijke (financiële) ondersteuning. Wij vergoeden daarom:

Voor een uitgebreide beschrijving van de achtergrond en werkzaamheden van onze vrijwilligers, verwijzen we naar Bijlage 3 (Achtergrond en werkzaamheden vrijwilligers).

Dahlia:Nooit verwacht dat coördinatorschap heel veel werk oplevert. Maar het betekent ook dat ik de deur moet laten maken, de kasten moet laten schilderen, naast natuurlijk het programma voor de kinderen maken. Daarnaast komt er nog bij dat ik de verbindende factor ben tussen de vrijwilligers en de Balinese medewerkers. Zoveel werk.. zo korte tijd. Gaat het me lukken?? Ik heb er wel vertrouwen in!  

Balinese medewerkers

Op termijn is het de bedoeling dat de werkzaamheden van de vrijwilligers overgenomen gaan worden door Balinese medewerkers. We zullen het aantal Nederlandse vrijwilligers langzaamaan gaan verminderen. Op dit moment hebben wij zes Balinese medewerkers in dienst. Zij verdienen een salaris conform de Indonesische wetgeving. Het niveau ligt ongeveer op 100 euro per maand.
Wij vinden het belangrijk om zoveel mogelijk bij te dragen aan de werkgelegenheid. Daarnaast proberen we gebruik te maken van de al aanwezige expertise op Bali.

Onze Balinese medewerkers:

We zijn op zoek naar twee nieuwe medewerkers om tot een uitbreiding van de onderwijzende Balinese medewerkers te komen.

Stagiaires

Aangezien de stichting veel aan educatie doet en veel kennis over kinderen met een verstandelijke beperking wil overdragen, heeft zij ook de verantwoording op zich genomen voor het begeleiden van stagiaires in het buitenland. De studenten moeten wel een studie doen die raakvlakken heeft met verstandelijk beperkte kinderen. Stagiaires bekostigen zelf hun reis- en verblijfkosten.
Op 9 december 2007 gaan drie studentes van de Fontys Hogeschool uit Sittard een stage volgen bij Stichting Sjaki-Tari-Us op Bali. Lieve de Roon, Ingrid Roche en Marieke Nijland volgen alledrie de opleiding Speciaal Bewegingsonderwijs en zijn specifiek opgeleid m.b.t. kinderen met beperkingen. Wij zijn vooral blij met hen, omdat zij heel veel weten van de fijne en grove motoriek van het kind.

Hoofdstuk 4:
Financiën

Algemene Toelichting

In dit hoofdstuk willen we de inkomsten en uitgaven verantwoorden. We vinden dit niet alleen belangrijk voor de stichting zelf, maar wij willen vooral open, eerlijk en transparant zijn naar o.a. de donateurs, de NCDO, de scholen die voor onze stichting een actie hebben gevoerd en alle organisaties die ons geldelijk steunen. Daarnaast willen wij ook allen inlichten die ons behulpzaam zijn geweest bij de projecten op Bali.

Wij willen ook nog het volgende vermelden. Er zijn een groot aantal bezoeken en reizen naar Bali geweest van een aantal bestuursleden van de stichting (Marijke, Thijs, Karin en Ellen).
Zij zijn overigens apart gegaan en niet tegelijkertijd. De bezoeken hadden niet alleen een vakantie karakter, maar waren vooral bedoeld om de projecten verder op weg te helpen en om onvolkomenheden glad te strijken. Vrijwel al deze reizen zijn door de mensen zelf bekostigd, op twee reizen van Thijs van Harte na, die twee keer een week uitsluitend voor werkzaamheden voor de stichting naar Bali is geweest.

De financiële verantwoording doen we aan de hand van gegevens, die nog niet naar de accountant zijn geweest. Accountantsbureau Primain te Delft zal in het eerste kwartaal van 2008 de behandeling van de boekjaren 2006 en 2007 (loopt gelijk aan het kalenderjaar) geheel kosteloos voor de stichting verzorgen.
Op hun advies doen wij deze tussentijdse verantwoording zelf, in de vorm van een eenvoudige verantwoording van inkomsten en uitgaven over de periode 10 september 2006 tot en met 4 september 2007.

Inkomsten in Nederland en op Bali

Zie hiervoor het onderwerp fondswerving en sponsoracties.
We zijn volledig afhankelijk van donaties, giften en acties.

Ook op Bali zijn er inkomsten geweest. Dit zijn voornamelijk giften geweest van Nederlandse toeristen die via medewerkers of vrijwilligers kwamen, of onze site bezocht hadden en de projecten wilden bezoeken. Het betrof niet alleen gelddonaties voor bijvoorbeeld een dagje uit met de kinderen, maar ook schenkingen in natura. Hans en Lenie Olde Hanhof hebben bijvoorbeeld de schooluniformen voor onze kinderen in Selat betaald en er is door verschillende mensen spelmateriaal gebracht. Anna Reitsma uit Leeuwarden heeft bijvoorbeeld voor haar vakantie naar Bali een aantal muziekzaken in haar stad bezocht en heeft veel instrumenten die niet meer verkocht konden worden, gratis meegekregen en aan ons gedoneerd.

Uitgaven in Nederland en op Bali

In Nederland bestaan de grootste uitgavenposten uit het uitzenden van de vrijwilligers.
De kosten zijn o.a. de tickets, verzekeringen, visa (verblijfsvergunningen en verlenging hiervan) en dergelijke. Daarnaast hebben wij folders laten maken.

Op Bali wordt het meeste geld uitgegeven.
Vooral tijdens de startfase van de projecten, vanaf de komst van de vrijwilligers op 14 oktober 2006, is veel geld uitgegeven. Bijvoorbeeld de eerste opvang in guesthouses, huur en inrichting van de vrijwilligershuizen en klaslokalen en aanschaf vervoersmiddelen.
Daarnaast zijn nog startkosten gemaakt zoals het werven van personeel en het maken van visitekaartjes. Voor het overgrote deel waren dit eenmalige kosten.
Maandelijks is de stichting vooral geld kwijt aan de salarissen van de Balinese medewerkers, eten, drinken en zakgeld voor de vrijwilligers, benzine en een potje voor uitgaven aan het werken met de kinderen.

Inkomsten Nederland 2006   
Privé donaties  9.780,00  
Benefietdag 19 november 2006   6.622,20  
Stichting Stella Mundi  7.500,00  
   
Totaal  23.902,20 euro 
Inkomsten 2007 Nederland (1 jan. t/m 4 sept.)   
Benefietdag 19 november 2006  2.025,00 
Privé-donaties  10.589,05 
Stichting Stella Mundi  7.500,00 
Stichting De Vondelbrug  4.604,00 
NCDO  5.300,00 
Verkoop kaarten  35,00 
Oosterse markt Delft  217,00 
Pasar Malam Den Haag  2.600,00 
Herman Broerenschool te Delft, sponsorloop  2.500,00 
Herman Broerenschool te Naaldwijk, stoepkrijtactie  2.436,45 
Basisschool Het Zonnelicht, sponsorloop  1.500,00 
Stichting Katholiek Onderwijs te Bussum  5.270,00 
Verjaardagen families Vermeulen en De Vaynes van Brakell Buys  7.691,00 
Verjaardag Sophie Klapwijk-Vossenaar  260,00 
Kraam Gez. Kerken op jaarmarkt Nieuw-Loosdrecht  660,00 
   
Totaal  53.187,50 euro 
Inge:Het is donderdag. Met de scooter de bergen in voor een huisbezoek: wauw wat een uitzicht!" (even vergeet ik dat ik aan het werk ben). In de bergen zijn de mensen arm en leven een stuk primitiever dan in de dorpen. De vader en moeder van Jaya zijn blij dat we er zijn. We spelen met Jaya. Hij lacht. De mensen hebben weinig maar zijn zo dankbaar ..!  
Uitgaven 2006 en 2007 NEDERLAND 10/9/2006 t/m 4/9/2007    
Eenmalig klaslokaal in Selat Noord Bali  3.000,00 
Tickets 15 vrijwilligers  16.250,00 
Visum (Sozial Budaya) de eerste 2 maanden  990,00 
Drukwerk flyers  1.606,50 
Kosten Benefietavond  2.929,00 
Verzekeringen vrijwilligers (bijdrage stichting)  2.650,00 
Ontwerp logo  428,40 
Laptops en lamineermachines  1.349,80 
Speelgoed, boeken, Kamer van Koophandel, kantoorboekhandel, kopie n en allerlei kleine uitgaven.  919,62 
Twee printers  160,00 
Kosten pasar malam  199,50 
Cadeautjes voor kinderen sponsoracties  300,00 
   
Totaal  30.782,82 euro 
Uitgaven 2006 en 2007 BALI 10/9/2006 t/m 4/9/2007    
Eenmalig 2 busjes  12.000,00 
Vrijwilligershuizen in Selat en Ubud (huurprijs per jaar)  3.417,00 
Klaslokaal in Ubud (huurprijs per jaar)  833,00 
Aankoop 1 brommer  580,00 
Huur 1 brommer automatisch (per jaar)  417,00 
Verlenging visum vrijwilligers na 2 maanden en dan per maand  1.700,00 
Ingrid en Jeroen eenmalige kosten Bali Singapore, wegens verlenging contract naar 1 jaar. Na 6 mnd. moet men een paar dagen het land uit. In Singapore wordt weer een visum (Sozial Budaya) voor 2 maanden aangevraagd.  750,00 
Benzine voor 2 busjes. Kinderen ophalen/wegbrengen en ook voor o.a. huisbezoeken. Per busje per maand 83 euro.  2.500,00 
Levensonderhoud vrijwilligers. Ook zakgeld van 8 euro per week, internetten, telefoonkosten 4 euro per week, benzinekosten voor de brommers bij o.a. huisbezoeken en afspraken voor de stichting.  6.350,00 
Salarissen Balinese medewerkers (6 medewerkers, die gemiddeld 25 uur per week werken)  4.700,00 
Kosten voor de kinderen. Hapje/drankje, dagje uit, speelgoed, pennen, verf, papier etc.  2.140,00 
Belasting (ook hier op Bali) voor de 2 busjes  147,67 
Service kosten busjes  125,00 
Eenmalige aankleding huizen, meubilair, bedden/matrassen, ijskasten, salaris timmerman etc.   1.645,33 
Registratie politie vrijwilligers  62,50 
1e opvang vrijwilligers guesthouse (nog geen huurhuizen)   479,16 
Lening aan werknemer Gede voor brommer  334,00 
   
Totaal  38.180,66 euro 

Hoofdstuk 5:
Dankbetuiging

Op financieel gebied zijn wij heel veel dank verschuldigd aan alle lieve en betrokken mensen, die een donatie, een schenking of anderszins hebben gegeven. Van twee tot honderden euro’s en soms zelfs duizenden euro’s!
Daarnaast zijn er mensen geweest die hebben geholpen bij sponsoracties van de stichting of zelf een sponsoractie hebben georganiseerd.
Tot slot willen we noemen dat wij veel hulp hebben gehad van een aantal specialisten bij de ontwikkeling van de principes en werkwijze van Stichting Sjaki-Tari-Us.

De lijst is zeer lang, maar op deze, wellicht onsympathieke manier, willen we iedereen bedanken!

Ingrid:Bloem, eieren, water, een paar kinderhandjes en kneden maar!Vandaag gaan we vies worden, en o ja koekjes bakken. De creaties komen na ongeveer 5 minuten uit de zogenaamde oven". We hebben de creaties verruild voor echte koekjes. Een moeder van één van de kids is helemaal verrast en vraagt: zijn dit de koekjes die de kids net hebben gemaakt?" 

Hoofdstuk 6:
Nawoord

“WAAR DOEN WE HET VOOR??”

Maatschappelijk ondernemen, iets doen voor de medemens, wij hebben het zo goed en ga zo maar door. Dit zijn allemaal opmerkingen, die iedereen wel eens gebezigd heeft.
Uiteindelijk gaat het vooral om gewoon DOEN! We zijn begonnen. Natuurlijk met het besef, dat niet alles van een leien dakje zou gaan, maar wel in de overtuiging, dat het ons zou lukken om de kinderen met een verstandelijke beperking op Bali op weg te helpen. Niet alleen de kinderen, maar vooral de omgeving van deze kinderen. Ouders, opa’s, oma’s, broertjes, zusjes en nog verder buren, overheid en onderwijzend personeel.
Wie dit jaarverslag leest, zou kunnen denken: “goh wat een successtory”. Dat is het ook, maar ons pad is niet alleen over rozen gegaan:

…… De toegezegde werkruimte in de kliniek in Ubud ging uiteindelijk na veel ‘van het kastje naar de muur bewegingen’ niet door waardoor we in Ubud pas in januari van start konden gaan,
…… Er is tot drie keer toe ingebroken in onze vrijwilligershuizen waarbij de nodige materiële en emotionele schade is opgelopen,
…… Vrijwilligers en Balinese medewerkers moesten hun weg vinden in de verschillende wederzijdse waarden, normen en cultuur, wat de nodige spanning en miscommunicatie met zich meebracht,
…… Onze veldwerkster in Ubud zag zich in maart genoodzaakt haar ontslag te nemen,
…... Samenwerken en -wonen viel de vrijwilligers soms zwaarder dan verwacht,
…… Ook de Balinese medewerkers konden niet altijd even goed met elkaar door één deur,
…… Mede door bovenstaande zaken was de verwachting vaak groter dan de uitkomst,
…… Het bestuur in Nederland moest ook veel leren om bovenstaande perikelen adequaat het hoofd te bieden en haar beste beentje voor zetten om overal op tijd op te reageren of voor te zijn (wat niet altijd lukte),
…… Soms was het spannend of we op tijd aan de nodige financiën zouden komen (de bodem van de kist hebben we regelmatig gezien).

MAAR:

…… we ontvingen ook hartverwarmende reacties van de mensen in Nederland en op Bali: “Ga alsjeblieft door,”
…… en we kregen een groot aantal aanmeldingen van vrijwilligers. Zij moeten het doen!
…… of er werd opeens uit het niets en spontaan een storting gedaan of belde een onbekende op met de mededeling op de jaarmarkt een bedrag voor de stichting te hebben binnengehaald,
…… en liepen de kinderen op de scholen in Nederland een sponsoractie.

EN DAN:

…… zie je de kinderen en hun ouders op Bali lachen tijdens de speelleergroep,
…… zie je het kind hier in Nederland, dat met volle overtuiging zich inspant voor het andere kind op Bali,
…… zie je de vrijwilligers met nieuwe moed en energie de draad weer oppakken,
…… zie je de samenwerking op Bali groeien en op dreef komen,
…… zie je een traan, omdat wij het zo goed hebben,
…… zie je de vorderingen, niet alleen bij het kind, maar ook bij de ouders en de omgeving.

“DAAR DOEN WE HET VOOR !!!!”

Mila: Te scooter naar het gezin met een mandje met speelgoed. Voor Komang nemen we hamertje tik mee. Het gehele gezin is erbij en ook oma komt om het hoekje kijken en begroet ons. Terwijl we bezig zijn realiseer ik me hoe bijzonder het is om te zien, hoe het hele gezin naar hamertje tik kijkt. De verschillende mooie kleuren hout en de staat van netheid, zullen wel indruk maken. 

Hoofdstuk 7:
Toekomst

Er is een begin gemaakt. We willen dit jaarverslag beëindigen met de TOEKOMST!

Vraag en uitkomst. De kinderen en hun omgeving hebben veel baat bij onze projecten op Bali.
Al met al voorziet Stichting Sjaki-Tari-Us in een behoefte.
We leveren kwaliteit, waarbij de gangbare methodieken uit Nederland op/in onze projecten toegepast worden. Steeds rekening houdend met de normen, waarden en cultuur van de Indonesische en Balinese mensen.
We bouwen geen opvanghuizen. We gaan uit van het principe, dat de mens (in ons geval het kind met een verstandelijke beperking) het beste gedijt in en met zijn/haar omgeving.

We gaan verder. Een opsomming van activiteiten en plannen voor de komende tijd:

“Als je iets goeds ziet, geef dan een compliment. Als je een fout ziet, biedt dan hulp aan.”

Nelson Mandela

Bijlage 1:
Visie en Missie

Visie

Onze visie is dat we kinderen met een verstandelijke beperking, in landen waar dit nodig is, willen ondersteunen in hun ontwikkeling en deelname aan de samenleving onder het motto:
Niet minder, maar anders begaafd!

Kinderen met een verstandelijke beperking hebben hun eigen kwaliteiten en het recht om zichzelf te zijn en zich met deze kwaliteiten zover mogelijk te ontwikkelen.
Ons uitgangspunt en streven is deelname aan de samenleving als gelijkwaardig mens. In sociale zin in de vorm van contact en communicatie, spel en erbij horen. En waar mogelijk in praktische zin in de vorm van school en (aangepast) werk.

Missie

We doen dit door Nederlandse middelen en deskundigheid te mobiliseren en beschikbaar te stellen aan ouders, begeleiders, leerkrachten en artsen van de kinderen daar. Op zo’n manier dat zij het op termijn zelf kunnen toepassen en overdragen en de kwaliteit van de begeleiding en het onderwijs aan deze kinderen structureel is toegenomen.
Het is niet de bedoeling om de Nederlandse situatie te copiëren, maar samen te werken met de mensen daar en aan te sluiten bij hun cultuur en manier van werken.

Toelichting visie en missie

1. Kinderen met een verstandelijke beperking

We sluiten vanuit de visie en missie geen kinderen met een verstandelijke beperking uit. Dus ook geen kinderen die een heel laag “niveau” hebben, of lichamelijke beperkingen/aandoeningen naast hun verstandelijke beperking.
Voor de speelleergroepen hanteren we een leeftijdsgrens van zeven jaar (vanaf 0 jaar), omdat er daarna voor deze kinderen speciaal onderwijs is.

De speelleergroepen

In de speelleergroepen mét ouders richten het programma en de begeleiding zich erop de ouders te leren met hun kind te spelen en te werken (en bij hen ook kennis op te bouwen over allerlei voor hen relevante zaken).
De vrijwilligers werken hierin samen met de vaste Balinese krachten. Het hoofddoel is om hen op te leiden in het werk, zodat zij dit op termijn zelf kunnen.
De ouders zijn dus de doelgroep. Het rechtstreeks spelen met de kinderen door de vrijwilligers is hier middel om te demonstreren aan ouders en Balinese krachten hoe je dit kan doen.
De werkjes die de ouders individueel met hun kind doen tijdens het werkmoment zijn op het niveau en de doelen van het betreffende kind afgestemd, de vrijwilligers en Balinese krachten ondersteunen hen hierbij.

Er zijn ook speelleergroepen zonder ouders (als de ouders toch mee willen/moeten komen, worden zij niet of minder betrokken). Hierin richten de vrijwilligers/begeleiders zich wel direct tot de (groep) kinderen. Hier wordt met de kinderen gewerkt om hen verder te helpen in hun ontwikkeling d.m.v. het aangeboden programma en de activiteiten.
Hier zijn de Balinese begeleiders de doelgroep, aan wie geleerd wordt hoe zij zelf met de kinderen kunnen werken!

Er kunnen in de speelleergroep kinderen zijn die vrij snel kunnen doorstromen naar de dagdeelopvang en er kunnen kinderen zijn voor wie dit niet haalbaar is of zal worden!

2. Ondersteunen

Ondersteunen betekent voor ons dat wij hier en de vrijwilligers op Bali, doen wat we kunnen.
Niet meer en niet minder!
Omdat we afhankelijk zijn van de beschikbare tijd en capaciteit van onszelf en onze vrijwilligers. Zowel in hoeveelheid werk dat verzet kan worden, als in bekwaamheid/deskundigheid m.b.t. de werkwijze en aanpak.
Wij streven een steeds hoger niveau na, door wat gedaan en geleerd is vast te leggen en door te geven aan zowel de volgende groep vrijwilligers als aan de vaste Balinese krachten.
En we zijn blij met alles wat geboden en bereikt kan worden!

Dit betekent in de praktijk wat ons betreft ook dat de vrijwilliger bij ieder kind aan de slag kan gaan met wat hij/zij weet en kan, ook al is er een heleboel nog onduidelijk en lijkt het maar weinig.
Misschien wordt er alleen gewerkt aan zintuiglijke prikkeling, misschien alleen aan het laten wennen van het kind in de nieuwe omgeving, misschien is het enige wat zichtbaar is, het contact wat de ouders met andere ouders (lotgenoten) hebben.
Het is iets en de rest komt later.

De rest (ideeën, kennis, ingangen), kan komen door op onderzoek uit te gaan. Bij het kind, de ouders, de collega’s, in de boeken en bij de achterban (in Nederland kan gezocht worden naar specifieke informatie of er kan een casus worden gestuurd naar anderen die wellicht ideeën of tips hebben).
Er is dus geen meetlat vooraf van wat we moeten bieden of welke specifieke expertise er moet zijn om met ouders en hun kind te beginnen. Vooral niet omdat de ouder bij de speelleergroepen aanwezig is.

3. Ontwikkeling

Ontwikkeling kun je zien als het toenemen van vaardigheden op alle ontwikkelingsgebieden (sociaal, cognitief en motorisch).
Wij zien ontwikkeling breder: bijvoorbeeld toenemend reageren op prikkels, het toenemen van plezier en welzijn, het toenemen van contact met de ouders of toenemende acceptatie van het kind door de ouders, familie en omgeving.
Ieder kind is dus leerbaar op zijn eigen niveau en zo gezien kan ieder kind zich ontwikkelen, zolang de ouders en familieleden het kind blijven benaderen en stimuleren.

4. Deelname aan de samenleving

We herhalen hier nog de toelichting op onze visie:
Kinderen met een verstandelijke beperking hebben hun eigen kwaliteiten en het recht om zichzelf te zijn en zich met deze kwaliteiten zover mogelijk te ontwikkelen.
Ons uitgangspunt en streven is deelname aan de samenleving als gelijkwaardig mens. In sociale zin in de vorm van contact en communicatie, spel en erbij horen. En waar mogelijk in praktische zin in de vorm van school en (aangepast) werk.

Bovenstaande is waarom wij het zo belangrijk vinden om ouders, familieleden en omgeving van het kind te betrekken bij het ondersteunen van het kind en waarom we geen 24-uurs opvang opzetten onder begeleiding van professionals. Wij denken dat het leven zin krijgt in de ontmoeting met medemensen. Het gaat er o.a. om te kennen en gekend te worden en liefde te geven en te ontvangen.

Vanuit de speelleergroepen kan gekeken worden in hoeverre het kind kan doorstromen naar het speciaal onderwijs of het regulier onderwijs.
Vrijwilligers en Balinese krachten kunnen hier optreden als tussenpersoon om de ouders te helpen hun kind geplaatst te krijgen.
5. Middelen en deskundigheid mobiliseren en beschikbaar stellen aan ouders, begeleiders, leerkrachten en artsen

Het belangrijkste punt hier is om volhardend en gestaag, met wat iedere nieuwe vrijwilliger aan kennis en kunde meebrengt, te bouwen aan het beschikbaar stellen van deze deskundigheid.

Dit bouwen doen we ten eerste grotendeels on the job, in het laten zien aan en samenwerken met de ouders en Balinese leerkrachten. Zodat zij door te ervaren deskundig worden. Dat dit werkt hebben vele ouders in Nederland ondervonden die met hun kindje bij de fysiotherapeut, de logopedist, de vroeghulp, de speelleergroep en het speciaal onderwijs kwamen en daar ‘de kunst’ afkeken.

Ten tweede bouwen we aan het vastleggen en vertalen van kennis, programmaonderdelen, methodieken en materialen die in de groepen voor jonge kinderen worden gebruikt.
Op zo’n manier dat latere generaties er op terug kunnen vallen. Dit gaat niet van de ene op de andere dag, maar stap voor stap. Het ‘kenniscentrum’ groeit naarmate er vanuit de praktijk meer uitgevoerd is. Belangrijk is om dit vanaf een zo vroeg mogelijk stadium gestructureerd te doen en hier steeds meer overzicht in aan te brengen.

Ten derde bouwen we door het “teach the teacher programma” vorm te geven. Hierin komen in logische volgorde onderdelen aan bod die zowel voor de leerkrachten op ‘onze’ groepen essentieel zijn, als voor de leerkrachten van het speciaal onderwijs.

Als laatste kunnen we bouwen door on the job te gaan samenwerken op het speciaal onderwijs, of zelfs Balinese leerkrachten voor opleiding en stage naar Nederland te halen (de Herman Broerenschool in Delft heeft hier belangeloos haar samenwerking voor aangeboden).

6. Op termijn zelf toepassen en overdragen

Hoe snel bovenstaande ontwikkeling zal verlopen is onbekend.
We streven ernaar ons op de betreffende locaties min of meer te kunnen terugtrekken binnen een termijn van vijf jaar.
Dit betekent niet alleen dat de Balinese leerkrachten het werk zelf moeten kunnen toepassen, het betekent ook dat zij het weer moeten kunnen overdragen aan anderen.

7. Structureel

Wanneer de tijd rijp is, zullen we in samenwerking met de Balinese krachten en de Balinese stichting “Yayasan Bidadari (= engel) Bali”, de overheid gaan benaderen om te bewerkstelligen dat zij het werk en de opleiding van Balinese begeleiders en leerkrachten gaan ondersteunen, formaliseren en financieren.
Pas dan kan werkelijk sprake zijn van een structurele verbetering van de begeleiding en het onderwijs aan kinderen met een verstandelijke beperking.
We staan nog aan het begin, maar wel degelijk onze lange termijn focus die ons vanaf dit begin richting geeft bij het inrichten en vormgeven van onze projecten.

8. Aansluiten bij de Balinese cultuur en manier van werken

Hoe we dit het beste kunnen doen, valt alleen maar te leren en te ondervinden in de praktijk. Wat kan wel en niet? Waar ligt een grens? Wanneer loopt bijvoorbeeld onze manier van werken op de groepen teveel uiteen met het gangbare Indonesische onderwijs? Wat zijn de gevolgen van zo’n prachtig ingericht, kleurrijk lokaal? Wanneer haken ouders af? Wanneer voelen ze zich senang bij iets wat nieuw en anders is? Wanneer gaan ze erin geloven?

We kunnen alleen maar in contact blijven, veel toetsen bij en evalueren met onze Balinese krachten, de onvermijdelijke fouten herkennen, herstellen en weer verder gaan.
Ook hier kunnen we leren van mensen die hierin verder zijn dan wij en het geleerde weer overdragen aan nieuwe vrijwilligers, in protocollen en dergelijke. En onze visie of ambities bijstellen als dit nodig is.

Bijlage 2:
Evaluatieverslag van projecten Bali, plus doelen komend half jaar
Door: Thijs van Harte en Karin Leithuijser
Augustus 2007

Onderstaand verslag is in augustus 2007 geschreven. Inmiddels, eind september, zijn er al een aantal van de in het verslag genoemde doelen gerealiseerd!

Algemene indruk

We hebben allereerst ontzettend genoten van het aanschouwen en bijwonen van de groepen. Geweldig blij en trots met het enthousiasme en de blijheid om bij ons te kunnen komen van de (op dat moment) 24 kinderen met hun ouders.
Zowel in Ubud als in Selat draait een duidelijk en herkenbaar programma, kinderen en ouders die zich hier senang bij voelen in een warme, saamhorige en persoonlijke sfeer.
Leerkrachten Tedi en Iluh die allebei enthousiast, gedreven, leergierig en dankbaar zijn met het werk wat ze doen.
Vrijwilligers die na alle hobbels en bobbels met hernieuwd plezier en vanuit meer rust en overzicht in het programma veel ideeën en plannen hebben om mee verder te gaan.
Medewerkers Gede, Rita, Komang en Iluh zijn happy en hebben een positieve spirit naar de toekomst.
Goede betrekkingen en afspraken met andere partijen zoals de huiseigenaren en het bestuur van Yayasan Bidadari.
Kortom, nu het eerste jaar Sjakitarius op Bali er bijna op zit, ligt er een prachtig fundament om vanuit verder te werken!!

De speelleergroepen

Bevindingen:

Doelen komend half jaar:

Spelmateriaal, verslaglegging en bibliotheek

Bevindingen
:

Doelen komend half jaar:

Opleiding en inzet leerkrachten

Bevindingen:

Doelen komend half jaar:

Het klasje van Komang
Bevindingen:

Doelen komend half jaar:

Doorstart naar Speciaal Onderwijsscholen (SLB)

Bevindingen:

Doelen komend half jaar:

Projecten

Het kunst en cultuur project:
Idee van Jeroen en Ingrid om een groepje kinderen met hun ouders samen te laten schilderen. Dit op Bali en in Nederland te exposeren. Niet alleen voor de opbrengsten voor de stichting, maar vooral ook voor de PR. Jeroen en Ingrid stellen hier eerst een plan ter fiat voor op en gaan dan waarschijnlijk op aparte middagen hiermee aan de slag.

Het moeders voor moeders project:
Vooral in Selat is het moeilijk om nieuwe kinderen te werven voor onze groep. Ouders schamen zich of ontkennen dat ze een verstandelijk beperkt kind hebben. Maar ook in Ubud is dit project nuttig om op te zetten. Doel van het moeders voor moeders project is tweeledig:

Doelen komend half jaar:

Team samenwerking

Bevindingen:

Doelen komend half jaar:

Financiën

Bevindingen:

Doelen komend half jaar:

Yayasan Bidadari

Bevindingen:

Doelen komend half jaar:

Bijlage 3:
Achtergrond en werkzaamheden vrijwilligers

Op 14 oktober 2006 is de eerste groep vrijwilligers naar Bali vertrokken. Zij hebben 6 maanden op Bali gewerkt:

Zij zijn de eersten geweest die zich daadwerkelijk met de kinderen hebben bezighouden. Zij hebben de basis gelegd waarop de speelleergroepen tot stand zijn gekomen.
Vanaf 7 januari 2007 hebben zij versterking gekregen van Ingrid van Bokhoven, SPW en afgestudeerd als kunstdocente, waarbij zij vooral ervaring heeft opgedaan in het begeleiden van schilderactiviteiten voor mensen met een verstandelijke beperking.
Deze pioniersgroep is op 12 april 2007 afgelost door de volgende groep van vrijwilligers. Ingrid is nog gebleven.

De tweede groep is tot verdere invulling en professionalisering van de projecten overgegaan:

Ingrid, Katinka, Minet en Jeroen zijn voornamelijk ingezet op de speelleergroepen en hebben de eerste begeleiding en het inwerken verzorgd van de twee Balinese leerkrachten die tijdens hun verblijf zijn begonnen.

Op 30 juni zijn Emmanuel en Netty weer terug gegaan naar Nederland. Op 28 juli is Katinka weer teruggekeerd en op 14 september Minet.
Jeroen en Ingrid hebben voor nog een half jaar bijgetekend. Dit betekent, dat zij tot volgend jaar maart 2008 hun werkzaamheden op Bali voor de stichting zullen voortzetten. Zij zullen dit deels op de groepen doen, maar zich daarnaast ook bezighouden met o.a. een kunstproject, het moeders voor moeders project en bijdragen leveren aan het teach the teacher programma voor leerkrachten van het speciaal onderwijs.

De tweede groep is inmiddels afgelost door de volgende zes vrijwilligers:

De anderen blijven zes maanden en zullen door groep 4 eind februari worden afgelost:

Michel:Als ik weer geschreeuw hoor uit de keuken of badkamer weet ik weer hoe laat het is tijd om de kakkerlakken vanger uit Ubud te spelen! Eén keer schrok ik me zelf ook wild, tijdens een nachtelijk plasje keek een spin ter grote van mijn hand me verbaasd aan ik stond verstijfd van angst.